Symplocarpus, een bijzondere moerasplant

Categorie: Vaste planten

3 januari 2010

Ingesneeuwd in het Drentse land kijk ik reikhalzend uit naar de eerste tekenen van het voorjaar. We hebben in onze tuin deze herfst veel bollen geplant en met kerst probeerde het vroegste sneeuwklokje al met een bloemetje boven het sneeuwdek uit te komen. Een andere vroege voorjaarsbloeier is de bijzondere moerasplant Symplocarpus foetidus. Het is een soort moerasaronskelk uit oost-azie en noord-amerika waar hij de weinig complimenteuze naam skunk cabbage, of te wel stinkdier-kool draagt. Die naam heeft natuurlijk betrekking op de weinig aantrekkelijke geur die de bloemen van veel aronskelkachtigen verspreiden.

Symplocarpus komt in het wild voor in natte weides en vochtige bossen met een diep doorwortelbare voedselrijke bodem. De bloemen ontluiken terwijl er vaak nog sneeuw aanwezig is. Ze schijnen zelf een lichte temperatuursstijging van de omgeving te veroorzaken waardoor de sneeuw rond de bloeiwijze eerder smelt. Na de bloei komt uit de dikke penwortel een rozet van grote donker groene hartvormige bladeren die nog het meest aan een hosta doen denken.

Symplocarpus foetidus

Wij kregen ruim 15 jaar geleden van het Arbortetum Trompenburg een aantal zaailingen van deze merkwaardige plant en hebben deze in Werkendam langs de slootkant uitgeplant te midden van haar familieleden, de Lysichitons. Ieder vroeg voorjaar, begin februari, was het weer zoeken naar de donker gevlekte, bijna bolronde bloemen die tussen de oude afgevallen kastanje bladeren in de slootkant tevoorschijn kwamen.
Ter voorbereiding op onze verhuizing hebben we de planten uitgespit en opgepot in diepe containers. Deze langzame groeiers waren daar niet blij mee en enkele exemplaren sneuvelden al snel. Eenmaal in Koekange aangekomen hadden we er nog maar drie over die natuurlijk zo snel mogelijk een plekje langs de vijverrand kregen. Ook deze actie verliep niet zoals gewenst en eentje stierf ook hier af. Twee exemplaren hebben deze zomer blad gemaakt maar of ze voldoende reserves hebben opgebouwd om na de winter weer uit te lopen? We hopen het en speuren nu al ongeduldig de beneeuwde vijverrand af.

Ruurd van Donkelaar